Wikisoc - De vrije informatiebron over sociaal recht in België

Welkom op de WikiSoc blog

WikiSoc is een blog waarin prof. Willy van Eeckhoutte fouten signaleert in of vragen stelt bij informatie over arbeids- of socialezekerheidsrecht in de media.
Niet de zoveelste opinie, maar hard recht

Terug naar overzicht

Vandaag, tegen het einde van de werkdag (rond 17 uur dus), heeft de Nationale Arbeidsraad de tekst online gezet van de CAO nr. 109 van 12 februari 2014 betreffende de motivering van het ontslag.

 En ja, De Tijd had het gisteren goed “geraden”: een revolutie ontketent de nieuwe regeling van de ontslagmotivering allerminst. Of zij, zoals De Standaard gisteren schreef, voor bedienden “een zeer grote stap vooruit” betekent, is natuurlijk voor discussie vatbaar: wat heet groot en wat zeer groot?

 Ziehier de redenen voor mijn aarzeling.

 

 Mededeling van de reden

 De verplichting voor de werkgever desgevraagd een reden op te geven binnen een bepaalde termijn (twee maanden) en op een bepaalde wijze (aangetekend) is nieuw. Maar die verplichting wordt zowel voor werklieden als voor bedienden ingevoerd.

 Overigens kon en kan een werkgever zich ook tot 1 april 2014 (datum van inwerkingtreding van de nieuwe regeling) moeilijk permitteren zomaar te weigeren de reden voor ontslag op te geven als hem dat hem aangetekend door de werknemer wordt gevraagd (zoals die dat vanaf dan met de wet in de hand kan). Zou dat niet als “kennelijk onredelijk” van de werkgever worden beschouwd?

 Alleen is het tot 1 april maar de vraag welke schadevergoeding een werknemer bij dergelijke weigering zou krijgen. Twee weken loon, zegt artikel 7, § 1, van de CAO nr. 109 nu. Vooral dat is echt nieuw. Tot nu toe varieerde het “tarief” tussen 1 en 75.000 euro, naar billijkheid begroot.

  

Kennelijk onredelijk ontslag: oude wijn in een nieuwe zak

 1. De omschrijving

De omschrijving die artikel 8 van de cao geeft aan “kennelijk onredelijk ontslag”, is de definitie van “willekeurige afdanking” die nu voorkomt in het alleen op werklieden toepasselijke artikel 63 van de Arbeidsovereenkomstenwet (dat voor de toekomst opgeheven wordt vanaf 1 april 2014, op grond van artikel 38 van Wet Eenheidsstatuut). 

Die omschrijving verschilt niet wezenlijk van wat, op het vlak van de motieven, misbruik van het recht te ontslaan is, zoals ontslagen bedienden dat konden (en nog altijd kunnen) inroepen: een werknemer ontslaan om redenen die geen enkel verband houden met de geschiktheid of het gedrag van de werknemer of niet ingegeven zijn door enig belang van de onderneming, gaat kennelijk de grenzen te buiten van wat van een redelijke werkgever mag worden verwacht.

M.a.w. de zak (de term kennelijk onredelijk ontslag) is nieuw, de wijn (wat onaanvaardbare ontslagmotieven zijn) niet. De toevoegingen die artikel 8 van de CAO nr. 109, in de omschrijving van wat onder kennelijk onredelijk ontslag moet worden begrepen, aanbrengt aan de tekst van wat het huidige artikel 63, eerste lid, van de Arbeidsovereenkomstenwet, willekeurige afdanking noemt en de commentaar bij dat artikel, wijzigen daaraan niets wezenlijks.

 

2. De bewijslastregeling

Is de bewijslastregeling dan geen stap vooruit voor de bedienden?

 Ook dat is nauwelijks het geval. Ja, het is waar dat bedienden die inroepen dat de werkgever zijn recht te ontslaan misbruikt, enige mogelijkheid die zij op het vlak van de motivering tot 1 april 2014 hebben, daarvan de bewijslast dragen.

 Maar als, met toepassing van de nieuwe regels, de werkgever een concrete reden voor het ontslag meedeelt, draagt “de partij die iets aanvoert” daarvan de bewijslast, zegt artikel 10 van de CAO nr. 109. Dat zal dan, als het om een bediende gaat, toch in eerste instantie (ook weer) de bediende zijn, die aanvoert dat de meegedeelde reden niet juist is (en dat er geen andere legitieme reden voor het ontslag is) of dat hij een kennelijk onredelijk motief voor het ontslag vormt in de hierboven aangegeven zin. Precies wat een bediende ook nu moet bewijzen als hij rechtsmisbruik inroept.

Bovendien, ook in een rechtsmisbruikzaak - de huidige, enige regeling voor bedienden - wordt van beide partijen (en dus ook van de werkgever) verwacht dat zij loyaal tot de bewijsvoering bijdragen, op wie de bewijslast ook ruste.

 

3. De vergoedingsregeling

 M.a.w. ook op het inhoudelijk vlak is de grootste stap vooruit voor bedienden de sanctieregeling: een schadevergoeding gelijk aan 3 tot 17 weken loon (art. 9, § 2), naargelang van “de gradatie van de kennelijke onredelijkheid van het ontslag” zegt de commentaar. [Wel, wel, wel: een ontslag dat “kennelijk een klein beetje onredelijk” is, bestaat blijkbaar ook].

 

Conclusie

Voor de bedienden – want alleen over die gaat het in dit stukje - lijkt de CAO nr. 109 niet echt een Grote Sprong Voorwaarts. Maar, zoals de geschiedenis leert, dergelijke sprongen zijn ook niet altijd de meest gelukkige. En is oude wijn meestal niet de beste, ook in nieuwe zakken?

Categorieën: Eenheidsstatuut

Inschrijven

Updates ontvangen via mail?

WikiSoc volgen via Twitter

 

Wikisoc volgen via Google+

 

 

WAT? wx5 (wwwww) 

 Wij Willen Wettelijke Waarheden Weten 

 

De media verspreiden voortdurend informatie die rechtstreeks of onrechtstreeks juridisch is.

  

Wikisoc speurt naar nieuwsmededelingen met sociaalrechtelijke informatie die vragen oproepen (en probeert die vragen te beantwoorden).

 

 

VOOR WIE?

 

 Voor de (al dan niet eeuwige) student en voor al wie (minstens voor een stukje) leeft om te leren, zoals de auteur.

 

 

DE AUTEUR 

 

 

advocaat Willy van Eeckhoutte

 

professor Willy van Eeckhoutte

 

ANDERE INFORMATIE OVER SOCIAAL RECHT:

klik op de afbeelding

 

 

           

 

          

 

 

Trefwoorden