Wikisoc - De vrije informatiebron over sociaal recht in België

Welkom op de WikiSoc blog

WikiSoc is een blog waarin prof. Willy van Eeckhoutte fouten signaleert in of vragen stelt bij informatie over arbeids- of socialezekerheidsrecht in de media.
Niet de zoveelste opinie, maar hard recht

Terug naar overzicht

Hebben de vakbonden zich veertig jaar gelden verbonden niet 'wild' te staken?

(En heeft het Hof van Cassatie dat tien jaar later teniet gedaan?)

03 april 2014
De Tijd, donderdag 3 april 2014, p. 11

“De sociale partners, dus ook de vakbonden, hebben in 1971 de belangrijke collectieve arbeidsovereenkomst nummer 5 ondertekend. Daarin komen ze overeen dat een vakbond eerst een verzoeningsvergadering dient af te wachten vooraleer hij een stakingsaanzegging van een week kan betekenen. Pas na afloop ervan kan er gestaakt worden.

[…]

Met andere woorden, vakbonden ondertekenden de verbintenis om geen wilde stakingen te organiseren. In 1981 ondermijnde de rechtspraak de afspraak onder de sociale partners.”

Manu DOUTREPONT in De Tijd donderdag 3 april 2014, 11.

 

Is dat wel zo? Niet echt of beter: niet helemaal.

 De auteur doelt klaarblijkelijk op artikel 26 van de CAO nr. 5 .

Dat bepaalt:

De  collectieve  overeenkomsten  die  in  toepassing  van  deze  overeenkomst  worden  gesloten,  zullen  de  te nemen maatregelen en de na te leven opzeggingstermijnen bepalen om de voorbarige uitroeping van de werkstaking of lock-out te vermijden en om de bijlegging van de conflicten te bevorderen door een tussenkomst van  de  vertegenwoordigende  organisaties  der  werkgevers  en  der  werknemers,  en,  desnoods,  door dringend beroep te doen op het paritair comité of op het verzoeningsbureau.

 

Correct gelezen betekent dit dat het niet zo is dat de interprofessionele sociale partners in de CAO nr. 5

  • overeenkwamen dat aan een stakingsaanzegging een verzoeningsvergadering moet voorafgaan,
  • overeenkwamen dat zonder een stakingsaanzegging van een week niet kan worden gestaakt,
  •   de verbintenis aangingen geen wilde stakingen te organiseren,

 De draagwijdte van artikel 26 CAO nr. 5 is enkel een engagement om in de sectorale of ondernemings-cao’s die ter uitvoering van de interprofessionele CAO nr. 5 worden gesloten (zie art. 1 van de cao), afspraken op te nemen,

  • waaronder aanzeggingstermijnen “om de voorbarige uitroeping van de werkstaking […] te vermijden”,
  • en waaronder een dringend beroep op het verzoeningsbureau “om de bijlegging van de conflicten te bevorderen”.

Zolang er geen sectorale of ondernemingsafspraken zijn, zijn er geen concrete verbintenissen.

 Men zou in dat verband overigens nog de volgende juridische bedenking kunnen maken.

Het derde lid, 1°, van de commentaar bij artikel 11 bepaalt dat het de sectoren en ondernemingen vrij staat “gunstiger schikkingen voor de werknemers te treffen”. Geen aanzeggingstermijnen en geen voorafgaande verzoeningspoging bedingen voor de vakbonden (en de vakbondsafgevaardigden) is natuurlijk ook gunstiger voor de werknemers, al moeten, zo zegt de commentaar, gunstigere schikkingen worden genomen “conform de beginselen die in [de CAO nr. 5] worden gehuldigd”. M.b.t. werkstakingen impliceren die kennelijk toch een maximaal beroep op instrumenten om werkstakingen te voorkomen.

 

Zette het Hof van Cassatie werkelijk de CAO nr. 5 opzij?

 “In het zogenaamde arrest Debruyne oordeelde het Hof van Cassatie dat de Belgische wetgeving de uitoefening van het stakingsrecht niet onderwerpt aan voorwaarden of modaliteiten, ook niet deze van cao nummer 5”.

Manu DOUTREPONT in De Tijd donderdag 3 april 2014, 11.

 Het cassatiearrest waarnaar de auteur verwijst, is een arrest van 21 december 1981, gewezen in de zaak SIBP tegen De Bruyne (Arr. Cass. 1981-82, 541). Het arrest zelf heeft geen betrekking op artikel 26 van de CAO nr. 5, dat niet als geschonden werd aangevoerd in het cassatiemiddel. Dat zou overigens ook moeilijk kunnen omdat de CAO nr. 5 niet algemeen verbindend is verklaard en dus geen wet is in de cassatietechnische zin van het woord.

 Over de vraag in welke mate een door een cao opgelegde vredes- en verzoeningsplicht bindt en eventueel afbreuk kan doen aan het recht te staken, spreekt het Hof van Cassatie zich in het voornoemde arrest niet uit. Het zegt dienaangaande enkel dat de cao’s waarvan in het bestreden arrest en het cassatiemiddel melding wordt gemaakt, zijnde de CAO nr. 5 en een sectorale cao over de vakbondsafvaardiging, niet algemeen verbindend zijn verklaard en dat het dus aan de feitenrechter toekomt daarvan zo nodig uitlegging te geven op in cassatie onaantastbare wijze.

 Voor het overige beslist het Hof van Cassatie ten gronde enkel zelf dat deelneming aan een staking op zichzelf geen onrechtmatige daad is en dat geen enkele wetsbepaling de werknemers verbiedt deel te nemen aan een staking die niet door een representatieve vakorganisatie is erkend.

 

De feitenrechter, het arbeidshof te Brussel, had wel beslist dat De Bruyne, de stakende vakbondsafgevaardigde die de nv SIBP om dringende reden had ontslagen wegens deelname aan een “wilde” staking, niet gebonden was door de opzeggings- en verzoeningsmodaliteiten van artikel 26 van de CAO nr. 5 en van de sectorale cao op de vakbondsafvaardiging, omdat de bepalingen waarin die modaliteiten vervat liggen, individuele werknemers, ook vakbondsafgevaardigden, niet binden omdat het zgn. obligatoire of toch hoogstens collectief normatieve en geen individueel normatieve bepalingen zijn.

 

Conclusie

 Het is niet juist dat het Hof van Cassatie in 1981 heeft geoordeeld dat het stakingsrecht “niet onderworpen is aan de voorwaarden en modaliteiten van de CAO nr. 5” en die cao bepaalt overigens zelf niet maar “kan”, en zelfs niet dat maar “mag”, worden gestaakt na een verzoeningsvergadering gevolgd door een stakingsaanzegging.

 Wel juist is dat de sociale partners zich in de CAO nr. 5 hebben geëngageerd in sectorale en ondernemingscao’s modaliteiten uit te werken om “het voorbarig uitroepen” van werkstakingen te voorkomen en de bijlegging van conflicten te bevorderen. 

Categorieën: Staking

Inschrijven

Updates ontvangen via mail?

WikiSoc volgen via Twitter

 

Wikisoc volgen via Google+

 

 

WAT? wx5 (wwwww) 

 Wij Willen Wettelijke Waarheden Weten 

 

De media verspreiden voortdurend informatie die rechtstreeks of onrechtstreeks juridisch is.

  

Wikisoc speurt naar nieuwsmededelingen met sociaalrechtelijke informatie die vragen oproepen (en probeert die vragen te beantwoorden).

 

 

VOOR WIE?

 

 Voor de (al dan niet eeuwige) student en voor al wie (minstens voor een stukje) leeft om te leren, zoals de auteur.

 

 

DE AUTEUR 

 

 

advocaat Willy van Eeckhoutte

 

professor Willy van Eeckhoutte

 

ANDERE INFORMATIE OVER SOCIAAL RECHT:

klik op de afbeelding

 

 

           

 

          

 

 

Trefwoorden