Wikisoc - De vrije informatiebron over sociaal recht in België

Welkom op de WikiSoc blog

WikiSoc is een blog waarin prof. Willy van Eeckhoutte fouten signaleert in of vragen stelt bij informatie over arbeids- of socialezekerheidsrecht in de media.
Niet de zoveelste opinie, maar hard recht

Terug naar overzicht

Rammelende regeling akkoorden artsen-ziekenfondsen

Niet bekend = niet toegepast?

17 oktober 2013
De Standaard 17 oktober 2013, p. 14

Vooraf

Uit een onderzoek over honorariasupplementen van de CM blijkt dat een aantal artsen die “geconventioneerd” zijn, toch hogere bedragen aanrekenen dan mag.

In beginsel rekenen in België werkzame artsen honoraria aan die zij vrij bepalen, uiteraard binnen de grenzen van redelijkheid en gematigdheid die de deontologie aan iedere beoefenaar van een vrij beroep oplegt.

De Belgische ziekteverzekering streeft echter naar een collectieve honorariumbepaling door te voorzien in een systeem waarbij tussen de ziekenfondsen, als vertegenwoordigers van de sociaal verzekerden, en de artsenvakbonden om de twee jaar wordt onderhandeld over de aan te rekenen bedragen. In een nationale commissie artsen-ziekenfondsen sluit men dan zogenaamde akkoorden die “de financiële en administratieve betrekkingen tussen de geneesheren [de term artsen is hier nog niet doorgedrongen] of de tandheelkundigen en de rechthebbenden” vastleggen (art. 50, § 1, van de gecoördineerde wet van 14 juli 1994 betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, afgekort als Ziektewet).

Die akkoorden worden bekend gemaakt in het Belgisch Staatsblad en de artsen hebben dertig dagen de tijd om een eventuele weigering tot toetreding bekend te maken.

De artsen die geen weigering tot toetreding tot de akkoorden betekend hebben, “worden van rechtswege geacht tot die akkoorden te zijn toegetreden”. Wel kunnen zij ervoor kiezen op bepaalde plaatsen en uren de vastgestelde honorariumbedragen niet toe te passen (art. 50, § 3, zevende lid, Ziektewet).

Vandaag

“De CM zet op zijn website wie ‘geconventioneerd is’, wie dus beloofde geen extra’s aan te rekenen. Het ziekenfonds weet nu van wie gemeld is dat ze toch extra’s aanrekenen, en toch verzwijgt CM die namen”. Guy TEGENBOS in De Standaard 17 oktober 2013, 12

Kan men enkel via het ziekenfonds te weten komen of een arts (bij ontstentenis van tijdige weigering) toegetreden is tot het lopende akkoord over de honoraria?

In zekere zin wel.

Alleen wie niet voor zijn gehele beroepsactiviteit, d.w.z. op alle plaatsen en tijdstippen waarop hij die uitoefent, toetreedt tot een akkoord, moet op die plaatsen en tijdstippen bekend maken wanneer hij “niet-geconventioneerd” werkt. Hij moet dat doen volgens de bij koninklijk besluit te bepalen termijnen en regels, maar ik heb geen dergelijk koninklijk besluit teruggevonden.

 

Wel bepaalt het Nationaal akkoord geneesheren-ziekenfondsen 2013-2014 in zijn artikel 11.3 dat wijzigingen in tijd en plaats van het “niet-geconventioneerd” werken moeten worden bekendgemaakt, hetzij door opzegging (aan het secretariaat van de NCGZ – Nationale Commissie Geneesheren-Ziekenfondsen), hetzij, zonder opzegging, na aanplakking van de wijzigingen in de spreekkamer. 

Voor verstrekkingen verleend in het raam van raadplegingen in een ziekenhuis is er wel een regeling. Daarvoor kunnen maximaal de uit de nomenclatuur voortvloeiende tarieven worden geëist, indien de sociaal verzekerde niet vooraf door het ziekenhuis uitdrukkelijk werd geïnformeerd over het al dan niet toegetreden zijn tot de akkoorden van de arts op het ogenblik dat de zorgen worden verleend (art. 50, § 3bis, Ziektewet).

Wie zich [...] aan de onderhandelde erelonen houdt, krijgt daarvoor als beloning van de ziekteverzekering een premie van 4.444 euro per jaar voor hun pensioen. Onder die artsen zijn er evenwel heel wat specialisten die toch extra’s aanrekenen aan hun patiënten, zegt het christelijk ziekenfonds CM. ‘Zij eten uit twee ruiven.’  Guy TENBOS in De Standaard 17 oktober 2013, p. 14

Mag en kan dat wel, uit twee ruiven eten?

Het is merkwaardig dat de regelgeving de sociale voordelen die de ziekteverzekering toekent aan “geconventioneerde” artsen, niet afhankelijk stelt van de naleving van het akkoord, maar van de toetreding tot het akkoord (art. 54, § 1, eerste lid, Ziektewet; zie ook art. 1, 1°, van het koninklijk besluit van 30 augustus 2013 tot vaststelling van de door de Dienst voor geneeskundige verzorging van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering voor sommige geneesheren te storten jaarlijkse bijdrage voor het jaar 2013 en tot aanpassing van de basisbedragen van de rust- en overlevings­pensioe­nen, bedoeld in het koninklijk besluit van 6 maart 2007 tot instelling van een regeling van sociale voordelen voor sommige geneesheren).

Bij het indienen van de aanvraag van de sociale voordelen moet de arts een formulier invullen waarop hij door middel van een aankruising bevestigt dat hij niet geweigerd heeft toe te treden tot het hem betreffende akkoord, hetzij voor de uitoefening van zijn volledige beroepsactiviteit, hetzij onder de voorwaarden van tijd en plaats conform de bepalingen van het akkoord, die hij dan nader moet omschrijven (art. 2, § 4, koninklijk besluit van 6 maart 2007 tot instelling van een regeling van sociale voordelen voor sommige geneesheren). De aan te kruisen tekst luidt:

Ik ben toegetreden tot de bepalingen van het in voege zijnde [foei: geldende] Nationaal Akkoord geneesheren-ziekenfondsen”.

Betekent dat dan dat toetreding volstaat en naleving niet vereist is?

Voor de toekenning van het voordeel, eigenlijk wel.

 Dat betekent echter niet dat het geen twijfel lijdt dat de arts die bij ontstentenis van tijdig en regelmatig ter kennis gebrachte weigering van rechtswege geacht wordt te zijn toegetreden tot een akkoord, door de honoraria die daarin zijn vastgelegd, gebonden is. Dat blijkt uit de wet, die bepaalt dat de akkoorden de honoraria vaststellen “die ten overstaan van de rechthebbenden van de verzekering nageleefd worden [lees: moeten worden] door de geneesheren [..] die geacht worden tot de akkoorden toegetreden te zijn” (art. 50, § 6, eerste lid, Ziektewet). Weliswaar gaat het hier, blijkens de rechtspraak van de Raad van State niet om een contractuele, maar om een reglementaire binding, maar die is er. Volgens het Hof van Cassatie raken de bepalingen van de akkoorden zelfs de openbare orde.

Besluit

De sociaal verzekerde kan de “geconventioneerde” arts wel dwingen de honoraria van het akkoord na te leven. Maar die naleving is geen formele voorwaarde voor het recht op de sociale voordelen.

Het rommelt dus niet alleen in deze aangelegenheid, het rammelt ook.

Inschrijven

Updates ontvangen via mail?

WikiSoc volgen via Twitter

 

Wikisoc volgen via Google+

 

 

WAT? wx5 (wwwww) 

 Wij Willen Wettelijke Waarheden Weten 

 

De media verspreiden voortdurend informatie die rechtstreeks of onrechtstreeks juridisch is.

  

Wikisoc speurt naar nieuwsmededelingen met sociaalrechtelijke informatie die vragen oproepen (en probeert die vragen te beantwoorden).

 

 

VOOR WIE?

 

 Voor de (al dan niet eeuwige) student en voor al wie (minstens voor een stukje) leeft om te leren, zoals de auteur.

 

 

DE AUTEUR 

 

 

advocaat Willy van Eeckhoutte

 

professor Willy van Eeckhoutte

 

ANDERE INFORMATIE OVER SOCIAAL RECHT:

klik op de afbeelding

 

 

           

 

          

 

 

Trefwoorden